MP3
Bijbelgedeelten
- Psalm 43
- Zie ook de beschrijving onder de songtekst.
Psalmberijming 1773
Songtekst
Vers 1
Geduchte God, hoor mijn gebeden;
Strijd voor mijn recht, en maak mij vrij
Van hen, die, vol arglistigheden,
Gerechtigheid en trouw vertreden,
Opdat mijn ziel Uw naam belij',
En U geheiligd zij.
Vers 2
Mijn God, ik steun op Uw vermogen,
Gij zijt de sterkte van mijn hart;
Waarom verstoot Gij m' uit Uw ogen?
Waarom ga ik terneergebogen,
Door 's vijands wreed geweld benard,
Gestaâg in 't aak'lig zwart?
Vers 3
Zend, HEER, Uw licht en waarheid neder,
En breng mij, door dien glans geleid,
Tot Uw gewijde tente weder;
Dan klimt mijn bange ziel gereder
Ten berge van Uw heiligheid,
Daar mij Uw gunst verbeidt.
Vers 4
Dan ga ik op tot Gods altaren,
Tot God, mijn God, de bron van vreugd;
Dan zal ik, juichend, stem en snaren
Ten roem van Zijne goedheid paren,
Die, na kortstondig ongeneugt',
Mij eindeloos verheugt.
Vers 5
Mijn ziel, hoe treurt ge dus verslagen?
Wat zijt g' onrustig in uw lot?
Berust in 's HEEREN welbehagen;
Hij doet welhaast uw heilzon dagen;
Uw hoop herleev', naar Zijn gebod;
Mijn Redder is mijn God.
Over dit lied
Achtergrond
Psalm 43 is het gebed van iemand die zich verdrukt, verlaten en onrechtvaardig behandeld voelt. De dichter roept tot God om recht en bevrijding. Hoewel hij weet dat God zijn sterkte is, worstelt hij met de vraag waarom de HEERE hem schijnbaar heeft verstoten en waarom hij treurend onder de druk van zijn vijanden moet voortgaan.
Midden in die duisternis bidt hij: „Zend Uw licht en Uw waarheid.” Hij vraagt niet alleen om verandering van zijn omstandigheden, maar vooral om Gods leiding. Het licht en de waarheid van de HEERE moeten hem terugbrengen naar de heilige berg, Gods woning en Zijn altaar. Daar verlangt hij opnieuw tot God te naderen. Niet alleen om uit zijn nood verlost te worden, maar om God te ontmoeten en Hem met zang en snarenspel te loven. God is voor hem niet slechts de Gever van vreugde, maar de bron van zijn hoogste blijdschap.
Ten slotte spreekt de dichter zijn eigen onrustige ziel aan: „Wat buigt gij u neder, en wat zijt gij onrustig in mij?” Hij spoort zichzelf aan om op God te hopen. Zijn omstandigheden zijn nog niet zichtbaar veranderd, maar het vertrouwen keert terug: de HEERE zal hem verlossen en opnieuw reden geven om Hem te loven.
Psalm 43 laat zien dat het geloof ook in tijden van duisternis de weg naar God blijft zoeken. Wanneer het hart wordt aangevochten, mogen Gods licht en waarheid ons leiden. De hoop rust niet op wat wij zien of voelen, maar op Wie God is: „Mijn Redder is mijn God.”