MP3
Bijbelgedeelten
- Lukas H2 22-39
Songtekst
Vers 1
Veertig dagen waren omgegaan,
Jozef en Maria brachten toen hun Kind.
Naar ’t heilig huis van Israëls God,
zoals de wet gebiedt.
Een offer van de eenvoud slechts,
twee duiven in hun hand.
Maar niemand zag welk Offer daar,
verscheen voor heel het land.
Vers 2
Daar was toen de oude Simeon,
rechtvaardig voor zijn God.
Hij wachtte op de troost van Israël.
Geleid door Geesteslicht.
De Heilige Geest had hem beloofd,
"De Christus zult gij zien".
En toen hij 't Kind in armen nam,
begon hij te zingen:
Vers 3
"Nu laat Gij, HEER, Uw dienstknecht gaan,
in vrede naar Uw woord.
Mijn ogen hebben nu aanschouwd,
het heil door U bereid.”
Maar Simeon sprak ook tot Maria:
"Een zwaard zal door u gaan.
Dit Kind zal velen doen verrijzen,
maar ook ten val doen staan."
Vers 4
Ook Anna kwam op dat moment,
een weduwe op leeftijd.
Zij diende God met vasten steeds,
dag en nacht in heiligheid.
Zij loofde God met blijde stem,
en sprak tot ieder voort,
die uitzag naar Jeruzalems heil:
"De Verlosser is geboren."
Vers 5
Nog klinkt de stem van Simeon,
"Mijn ogen zagen Hem."
Wie Christus ziet door 't ware geloof,
vindt vrede bij Hem.
Van tempel naar de wereld uit,
klinkt nu het blijde lied:
God heeft Zijn Zoon aan ons gegeven,
wie in Hem gelooft, sterft niet.
Over dit lied
Achtergrond
Hier komt later de extra achtergrondinformatie bij het lied De voorstelling in de tempel.